Je puber is slim. Je ziet het aan de manier waarop ze problemen oplost, hoe creatief ze is of hoe goed ze met mensen om kan gaan.

Maar op school komen de onvoldoendes binnen. En dan hoor je: “Je moet gewoon beter je best doen.” Of: “Als je maar wilt, kun je het wel.”

Frustrerend voor jou én je puber, want je weet dat je kind slim is.

Niet iedereen is op dezelfde manier slim

Er bestaat niet zoiets als ‘dom’ of ‘slim’. Er bestaan verschillende soorten intelligenties.

Howard Gardner, een slimme professor, ontdekte dat er maar liefst acht verschillende intelligenties zijn. Iedereen heeft ze allemaal, alleen in verschillende mate ontwikkeld.

Het probleem op school is dat er vooral gefocust wordt op twee intelligenties: taal en logisch-wiskundig denken. Terwijl er nog zoveel meer manieren zijn waarop je slim kunt zijn.

Als je puber begrijpt hoe zijn brein werkt en welke intelligenties bij hem horen, verandert alles.

De 8 intelligenties uitgelegd (met herkenbare voorbeelden)

  1. Taalkundige intelligentie (de woordenkunstenaar)

Dit is de puber die moeiteloos opstellen schrijft, graag verhalen vertelt, gemakkelijk nieuwe woorden onthoudt en geniet van lezen.

Voorbeeld uit de praktijk: Lisa haalt hoge cijfers voor Nederlands en Engels, maar worstelt met wiskunde. Ze leert het beste door dingen op te schrijven en hardop te herhalen.

  1. Logisch-wiskundige intelligentie (de denker)

Deze puber houdt van puzzels en strategiespellen, ziet patronen en verbanden, kan goed rekenen en denkt logisch en gestructureerd.

Voorbeeld: Tim maakt de moeilijkste wiskundeopgaven met gemak, maar heeft moeite met talen. Hij leert door dingen te analyseren en stap voor stap uit te zoeken.
  1. Ruimtelijk-visuele intelligentie (de beelddenker)

Je puber tekent de hele dag, heeft een goed richtingsgevoel, ziet in één oogopslag hoe iets in elkaar zit en maakt graag mindmaps of schema’s.

Voorbeeld: Sarah snapt de lesstof pas als ze het visualiseert. Teksten lezen werkt niet, maar één goede afbeelding of mindmap en ze heeft het door.

  1. Muzikale intelligentie (de muzikant)

Deze puber heeft ritmegevoel, onthoudt melodieën makkelijk, leert beter met muziek op de achtergrond en zit vaak te neuriën of te drummen.

Voorbeeld: Max leert Frans door liedjes te luisteren. Gewoon uit het boek leren werkt niet. Maar een liedje en hij kent alle woorden.

  1. Lichamelijk-kinesthetische intelligentie (de beweger)

Jouw puber moet bewegen om te kunnen denken, leert door dingen te doen, is goed in sport of dans en kan niet stilzitten tijdens het leren.

Voorbeeld: Emma loopt altijd rond als ze leert. Haar ouders dachten dat ze niet geconcentreerd was, maar juist door te bewegen kan ze beter onthouden.

  1. Interpersoonlijke intelligentie (de verbinder)

Deze puber werkt graag samen, begrijpt anderen goed, is sociaal en empathisch en leert het beste in groepsverband.

Voorbeeld: Jasmijn haalt betere cijfers als ze samen met een vriendin leert. In haar eentje lukt het niet, maar zodra ze het aan iemand kan uitleggen, snapt ze het zelf ook.

  1. Intrapersoonlijke intelligentie (de zelfreflector)

Je puber heeft veel zelfinzicht, weet goed wat hij voelt en denkt, leert graag alleen en heeft tijd nodig om na te denken.

Voorbeeld: Daan heeft rust en stilte nodig om te leren. Hij weet precies wat hij wel en niet begrijpt en kan zichzelf goed sturen.

  1. Natuurgerichte intelligentie (de ontdekker)

Deze puber houdt van buiten zijn, is geïnteresseerd in dieren en planten, ziet verbanden in de natuur en leert door te observeren.

Voorbeeld: Sophie leert biologie niet uit een boek, maar door buiten te zijn en dingen zelf te ontdekken. Een wandeling door het bos leert haar meer dan tien bladzijden theorie.

Waarom dit zo belangrijk is voor jouw puber

Als je puber weet welke intelligenties bij hem of haar horen, verandert er iets. Plotseling is het geen kwestie meer van “ik ben dom” of “ik kan het niet”. Het wordt: “Ik leer op mijn eigen manier.” En dat maakt een wereld van verschil.

Stel je voor:

– Je puber ontdekt dat hij een beelddenker is en gaat mindmaps maken in plaats van saaie samenvattingen

– Je dochter realiseert zich dat ze beter leert met muziek en haalt ineens hogere cijfers

– Je zoon begrijpt dat hij moet bewegen tijdens het leren en dat dat helemaal oké is

Geen gefrustreerde puber meer die denkt dat hij niet slim genoeg is, maar een puber die zijn eigen kracht ontdekt en daar slim gebruik van maakt.

Zo pas je dit toe in de praktijk

In het E-book Je koppie op orde lees je precies hoe het brein van je puber werkt. Je ontdekt waarom sommige leermethodes wel werken en andere niet. En je krijgt handvatten om je puber te helpen zijn eigen leerweg te vinden.

Want als je begrijpt hoe het brein werkt, kun je je kind beter begeleiden bij leren, plannen en concentreren.

In module 2 van de online leeromgeving Leer je wijs duiken we hier nog dieper in. Pubers ontdekken niet alleen hun eigen intelligenties, maar leren ook hoe ze dit kunnen inzetten bij het leren.

Geen standaard leerstrategieën, maar leren op maat. Leren zoals het bij jouw puber past.

 Wat kun je nu doen

Begin vandaag nog met het ontdekken van de intelligenties van je puber.

Stel jezelf deze vragen:

  • – Waar is mijn puber goed in buiten school?
  • – Hoe leert hij of zij het makkelijkst nieuwe dingen?
  • – Wat doet mijn puber graag in zijn vrije tijd?

De antwoorden geven je al een eerste inzicht in welke intelligenties sterk ontwikkeld zijn.

Wil je hier echt mee aan de slag? Wil je dat je puber leert hoe hij zijn eigen intelligenties kan inzetten voor betere resultaten op school?

Download hier het gratis E-book Je koppie op orde.

Daarin lees je alles over hoe jouw puber zijn eigen leerweg kan ontdekken.

Je krijgt concrete oefeningen en tips die je direct kunt toepassen.

Want slim zijn heeft niets te maken met cijfers. Slim zijn heeft alles te maken met jezelf kennen en weten hoe je leert. En dat is precies wat ik je puber wil leren.

Zodat die onvoldoendes verleden tijd worden en je puber met zelfvertrouwen en plezier naar school gaat.